Over "van alles en nog wat en een beetje"
donderdag 27 februari 2020

Van woonzeilboot naar vaarzeilboot

woonvaarzeilboot

Na een jaar wonen aan boord, zijn we daarin helemaal ingeburgerd. Het is hoog tijd om te gaan varen met onze woonzeilboot. Ik roep al af en toe “we hebben ons niet voor gek laten verklaren om alleen maar in de thuishaven te liggen!”
We zetten onze schouders eronder en gaan flink aan de klus. De lange lijst wordt ingedeeld met toevoeging van prioriteiten. Datgene wat absoluut noodzakelijk is voor veilig varen, gebeurt het eerst. De rest schuift door naar na het varen.

Af en toe kijk ik Henk wanhopig aan, omdat er toch weer iets opduikt dat per se gemaakt moet. Ik wil los! Ik wil weer voelen hoe het is om zachtjes door het water te klieven, met de wind door mijn haren en de zon op mijn gezicht. Het plan van een rondje Engeland is al snel naar de ijskast verbannen. Na 2 jaar stilliggen, moeten we eerst even opnieuw de boot en onszelf tijdens het varen, leren kennen. Eerst genieten zonder meteen in zware zeegang te komen en in de modus 'overleven' te gaan. Hoe zeeziek zijn voelt, weet ik nog wel.

Eindelijk is het eind van de lijst 'absoluut noodzakelijk' in zicht. De zeilen zijn gerepareerd en rollen weer vrolijk in en uit. Alle lijnen, blokken, remmen et cetera zijn gecontroleerd en zo nodig vervangen. Wat aan boord het 'lopend want' heet, functioneert naar behoren. De motor is in de watten gelegd en draait als een zonnetje. We kunnen gaan! De zomer is gearriveerd en niks houdt ons meer tegen.

Maar daar vergis ik me lelijk in. Het is een mooie, zonnige dag als we de Markiezin bevrijden uit haar spinnenweb van lijnen. De laatste weken is de temperatuur flink gestegen. Dat is zeer welkom na de langdurige kou van de winter en het voorjaar. Wij zijn niet de enige die van de zonnewarmte genieten. Onder water zijn er organismen ook blij met de warmte en vooral blij met de stijgende watertemperatuur.
Als piepkleine zaadjes hechten ze zich op de schroef en het onderwaterschip van de Markiezin. Nog onzichtbaar en zich niet storend aan welk gif dan ook. Zodra de watertemperatuur een graad of 17 bereikt, krijgen de zaadjes een groeistuip. In een paar dagen groeien ze uit tot zeepokken van formaat. Het metaal van de schroef verdwijnt achter het wit van hun schelpen. Ze laten geen ruimte over.

En zo houden de zeepokken de Markiezin tegen. Letterlijk, want ze heeft geen vaart meer. Van woonzeilboot naar vaarzeilboot moet met een tussenstap: opdewalzeilboot.

Laat een antwoord achter